It giet Oan!

De Alaafstedentocht gaat van Start.  De ideale Niet- Meezinger

De 2 Ijsmeesters hebben hun zegen gegeven en ze hebben alles dik genoeg bevonden.

Gemotiveerd door een aanstaande elfstedentocht en diep ongelukkig door het ontbreken van de carnaval hadden ze er flink de P. in zeg maar gerust Drs. P.  Met een bonkend rood geel groen hart doken ze de studio in om de carnavalistisch Tocht der tochten op muzikale wijze te volbrengen. Omdat meezingers dit jaar uit den boze zijn is gekozen voor een luisterrijke ballade waarin de Alaafstedentocht van een fanatieke raad van Elf op heroische wijze beschreven wordt.

Binnen twee dagen van idee tot uitvoering zodat nog ruim voor de Carnaval dit nummer de ether in kan.

Dit vasteloavunds epos werd door Rene van Rooij en Rob van Elst met ondersteuning van Spuit 11 op Emmy en pulitzerprijs waardige manier toevertrouwd aan het vinyl.  Het muzikale kindje is geboren en we kunnen u vertellen : het was een flinke bevalling.   Maar een ding is zeker u zult gekluisterd zitten aan uw stoel. En dat is makkelijk als u toch nergens heen mag.

Geen meezing refrein, geen catchy tune maar een bingewaardige stortvloed aan avontuurlijke belevenissen met een carnavalistische en opbeurende toon.

Ga er eens lekker voor zitten, sluit uw ogen, luister aandachtig en ga mee op Alaafsteden tocht en vergeet vooral niet om niet mee te zingen.

Na afloop zult u het met ons eens zijn: “ Wat missen we toch de carnaval”.

Twee ijsmeesters die dol op ijs zijn maar dan wel liefst crushed in hun glas of met vanille aan een stokje.

De ijsmeesters feat Spuit 11

Tekst

Dit jaar geen vasteloavund

en geen carnaval,

Bijzonder op verheugd

maar wat wil nou het geval.

De Prins van onze raad

die had een goed idee.

We gaan op Alaafstedentocht

en heel de raad moet mee!

Al zijn we dan geen Friezen

dooie zijn we allerminst.

Veel reden al ‘n scheve schaats

dus tel maar uit uw winst.

Ter voorbereiding boekten wij

een grote touringcar.

En gaarne met een maxi

in plaats van een minibar.

We zwaaiden onze vrouwen uit

en aan de overkant,

stond Gerda in de deurstijl

de vrouw van de Adjudant.

Hij zwaaide naar zijn eega,

wel 1 seconde lang,

en riep vervolgens opgelucht

het paard blijft in de gang

De prins-en-raad die stond die dag

voor dag en dauw paraat.

Eén had zich reeds verslapen

die wist van de prins geen kwaad.

Toch vingen wij de reis aan,

maar dan met een raad van 10.

En onze buschauffeur die vroeg;

“ waor motte gillie zien?

De biertjes werden rondgedeeld

en vóór de eerste bocht

proosten wij tesamen

op de Alaafstedentocht.

En toen we arriveerden

bij het eerste laadadres.

Moesten de eerste lossen,

al met een man of 6.

De blaas geleegd dus plek genoeg,

helaas niet in café.

We lulden écht als brugman

maar de kastelein zei nee.

Dus snel weer onze bus in

richting ‘n ander gat.

De kroegen waren dunbezaaid,

maar dorst hadden we zat.

Het was gewoon onwerk’lijk

alles dicht met carnaval.

Dat mocht de pret niet drukken

zeker niet in ons geval.

Dus wij een winkel binnen

want de voorraaad die slonk snel.

It giet misschien neet oan

maar onze tocht die deed dat wel

De prins die wist een zuipkeet,

en al was die illegaal.

Dat kon ons toch niet bommen

En we knikten allemaal.

We zongen bloemetjesgordijn

en iedereen zong mee.

Er klonk zelfs een sirene,

maar die bleek van de M.E.

Roland moet nu poepen.

Ik zie ut aan zijn gezicht

Nog 20 kilometer en

dan zijn we in Maastricht

Dat gaat hij echt niet halen,

want hij kust al het katoen

Tot overmaat van ramp

moet hij uit het raampje doen.

Dat blauwe busje achter ons,

dat kreeg m voor de ruit

De ruitenwissers aangezet

dus smeerde alles uit

Toen zij de bus in kwamen

kregen zij de wind van voor

Ze waaide toen de bus uit

en wij er snel vandoor

Na dit korte oponthoud roep ik

‘we kunne goan’.

Naar mijn idee zijn we compleet

de buschauffeur giet oan.

Dan krijgen we een appje,

onze Ger was nog niet klaar.

Zijn bier bleef niet onaangeroerd

dat stukje kluunt ie maar.

En met de raad van negen,

gaat het verder zo u ziet.

Dat aantal zal nog slinken,

gedurende dit lied.

We kregen een adresje door

waar ook een feest zou zijn.

We kwamen lallend binnen

voor de liefde en de gein.

Het feestje werd gerapporteerd

dus moesten w’allemaal.

Op hup en sprong de bus weer in,

met een proces verbaal.

Jos had niets meegekregen

van dit ongewenst bezoek,

en liep de tent weer binnen

met zijn ding nog uit zijn broek.

De bus die reed weer verder

maar Jos was er niet meer bij.

Die zat in een and’re bus

door potloodventerij.

Hoe minder zielen hoe meer bier

zo riep toen onze prins.

Door zijn lid één lid minder,

maar wanne mooie mins.

Na 6 minuten rijden roept ook

Danny zonder schroom.

De bus die stopt bij de BeePee

en hij pienkelt bij een boom.

De BOA die hem opschrijft

wenst hij ‘n heel groot gezwel.

Dus naast een vette bon

krijgt hij nu ook één nachtje cel.

We waren nog met 7 man,

maar och dat was niet erg.

Was voor sneeuwwitje ook genoeg,

al waren die dan dwerg.

Al mistte we een knappe prins

de onze was er nog.

Zo konden we weer verder

met de alaafstedentocht.

We hadden tot ons grote spijt

geen kroeg meer voor de boeg.

Wel bier en veel confetti

en we slingerden genoeg.

We kluunden naar de touringcar

en iemand riep ons na.

Er zijn er drie vergeten!

Die zitten in Breda!

Nu waren we met vieren

dat is normaal genoeg.

Om te rikken of

gewoon te zuipen in een kroeg.

Door drank zakte

de adjudant en prins plots in elkaar

Zij waren niet te tillen,

dus die lieten we maar daar.

Ons gezelschap werd steeds magerder,

maar niet van leed en lijf.

De tocht duurde derhalve

slechts een mager uur of vijf.

Wij twee als laatste uit de bus,

zwaar door de drank geveld.

Chauffeur richting remise

vrolijk fluitend naar zijn geld.

Bij ons staat op de keukendeur

en houd de moed erin.

Al heeft een polonaise met zijn tweeje

weinig zin.

We missen onze Horeca

ons vrienden evenzeer.

Niet minder zin in carnaval,

maar steeds een beetje meer.

 

Dit jaor is een drama. Geen schlagerfestival, geen carnaval. Maar toch maakt Waorum Nie? een schlager over de mooiste carnaval die nooit gebeuren zal. ‘t Is nèt enne droom…

Tekst

Waorum Nie? – Nèt Enne Droom
Di is, en lied ovver de moijste
de aller aller moijste
carnaval die nooit gebeure zal.
Un taant, die barst ut ziene voege
dan ok nog volle kroege
mar weej zien binne allemol.

REFR:
Ien en jaor waorien alles kan
get heel Gruusbèk d’r tèggenaon.
Weej lève, en dan is d’r lève
Ien en jaor waor ok niks mèr kan
get heel Gruusbèk d’r tèggenaon.
Weej lève, um alles te gève
Deze carnaval is nèt enne droom…
Ge pruuft, bier en wien as waoter
toch wakker zonder kaoter.
de glös zien vol, de denjes vies.
En ok, de loopers en de waages,
de clubkes, clips en schlagers
vur iedereen d’n urste pries.

REFR

Deze carnaval is nèt enne droom…

Nanananana

REFR 2x

Nanananana

De meeste van jullie zullen bekend zijn met de studio in de tuin Bas Wegh, het is de plek waar dit jaar 20 van de 30 officiële schlagers zijn opgenomen. Dat is exclusief b-kantjes en prinsennummers… Het team verantwoordelijk voor de producties wilde ook wel eens een eigen schlagertje opnemen en die moest dan natuurlijk gaan over het maken, opnemen en inzingen van een schlager. Mmmbèh!

Wej zolle niks lee.je as ut hier zol snee.je. Weej hebbe hier de bé.rrege, de café’s en onmundig veul minse op de been. En de muziek, da liekt ok wel en bitje ;). Dus weej goan di jaor skiën (après skiën!) ien de Gruusbèkse sneej!

Sontekst

Tututututu (Hiiiihohoho!)

Weej zolle niks lee.je, as ut hier zol snee.je
Gruusbèk jetzt geht’s los
Kort beej de hut, gèn uure te ree.je
De bé.rrege zien grandioos

Weej roetsjen de Baon af
Klimme de Klef op
Gruusbèk jetzt geht’s los
Schlagers die heurde, hier gèt ut gebeure
Vastelaovend ohooo

Misschien toch öörst en lesje (of tweej!)
Ik gleej now duk d’r nève
Doet mien mar après-ski
Want dan krieg ik wèr ut lève

Ien de lift umhoog, naor onder op de ski
Beej d’n urste tap doen weej en flé.ske of drie
Latten oan de kant, dan nog en jagerteej
Gruusbèk ien de sneej

Ien de lift umhoog, naor onder op de ski
Beej d’n urste tap doen weej en flé.ske of drie
Latten oan de kant, dan nog en jagerteej
Gruusbèk ien de sneej

Tututututu (Hinter der Lehrer!)

D’n anderen daa.g jao, wèr vroeg uut de vère
Gruusbèk jetzt geht’s los (ut get d’r hin!)
Van Bruuk tot oan Taarep, nog altie bor sché.rep
Vastelaovend ohooo

Mè kats naor beneeje
Pien aon de kneeje
Gruusbèk jetzt geht’s los
Tis en zwotte piste
Worre almar drie.ster
Vastelaovend ohooo

Misschien toch öörst en lesje (of tweej!)
Ik gleej now duk d’r nève
Doet mien mar après-ski
Want dan krieg ik wèr ut lève

Refrein
(Hiiiihohoho!)

Tututututu (11 Flügel bitte!)

Refrein
(Hiiiihohoho!)

Tututututu

“De moiste tiet van t hele joar, die is er al heel vlug. De neejste pekskes hangen kloar, da kumt ieder joar wer terug!”

Het is alweer de 16e schlager van Boney H op Gruusbek.nl. Daarmee staan alle 29 deelnemers van het 33e schlagerfestival online.

Songtext

De moiste tiet van t hele joar
Die is er al heel vlug
De neejste pekskes hangen kloar
Da kumt ieder joar wer terug
Kom mee carnavallen
En trek ow allergekste pekske oan
Dit liedje me lallen
Let op het kumt dr oan

Refrein:
Jong en alt get uut dn bol
Met de carnaval
Hier is de allergrutste lol
Met de carnaval
En de bierekes vloeien uut de tap
Met de carnaval
Ut hele daarp get me op stap
Met de carnaval

Iedereen moi uutgedost
Ge kent ze soms zelfs nie
Hier wordt gefeest en flink gehost
De sfeer is goed zuals ge ziet
Kom me carnavallen
Dan goan we hier now nog enne keer
Di liedje me lallen
Let op dor kumt die weer

Wej goan knalle! ☄️🔥💥

Songtext

Kan ut mien balle
Wej goan laakur knalle
Vier daag on ut lalle
hedde meij de knolle goar
Kan ut mien balle
Wej goan laakur knalle
Vier daag on ut lalle
Gezellig me mekoar

Ut zien die dolle da.ge kel wa get ut der wer op
De kuruk van de flaas; De hille taant stet op zien kop
En mar hosse en mar danse me die vuutjes van de groond
Ut bier en de confetti joa die vliege ien ut roond
Ik weet nog daa die taant dur vur ut allerurst kwam stoan
Hentje zei got zinge; zoo gezet, zoo gedoan
Da werd mien toch un knalfuif daa was Mien nog us top
Me munte ien de taas; keek doe mar hin nog nor os op!

Refrein

Al knalle wej dan me zien alle uut mekoar

Refrein

Now zien we joare wieder, vuule oons Onmundig alt
Da mikt oons aecht nix uut, zu lang ut Meij en bitje knalt
En knalle joa daa duut ut, Kom mar ien oons bubbelbad
Wej hebbe bubbels zat, ge het nog nooit zun schik gehad
En hedde maan vroeg kats ; dan kriede apserien
En pilleke der ien tegge knallende koppien
Now luustere wej spotify mar toen lady de vlinder
En vreeje daa was op de Mies en now ston wej op tinder

Al knalle wej dan me zien alle uut mekoar

Kan ut mien balle
Wej goan laakur knalle
Vier daag on ut lalle
hedde meij de knolle goar
Kan ut mien balle
Wej goan laakur knalle
Vier daag on ut lalle
Gezellig me mekoar
Vier daag on ut lalle
Verrek ut is nie woar
Vier daag laakur knalle
Gezellig me mekoar

De schlager van Spuit 11 staat dit jaar in ‘t teken van oude munten.. en dan niet de munten uit de tijd van de Romeinen of de oude Grieken! Nee wij zingen over die munten die iedereen nog wel thuis heeft liggen of na een weekend stappen terug vind in de wasmachine. En je bewaart ze eigenlijk met het idee, van “Ge wèt mar nooit” !! Maar het worden er eigenlijk iedere keer maar meer en meer zonder dat je er iets mee doet.

De melodie en het idee voor dit nummer ligt al een aantal jaren op de plank, maar dit jaar moest het er dan maar van komen, desnoods als B-kantje. Maar tijdens het schrijven van deze schlager waren we het er al snel over eens dat dit ons nummer voor 2020 moest worden. We hopen dat jullie er van genieten, en misschien zorgen we er met dit nummer wel voor dat er minder “Alde Munten” zullen ontstaan.

PS: Je kunt je “Alde Munte” nog steeds inleveren bij een van de leden van Spuit 11 of bij de Comm.

Songtekst

Umgetrokke, we goan wer nokke
Mien höör wer ien de ploj
En ze stoan al te wachte.
‘K kiek ien de loj, ‘k kiek ien de kast
Mar alles wa ik vien, zien alde munte

Kèèèp’s s’ien t rooi, en ok ien t zwot
Èn hele haffel vol, mè halve hele
Ik mak me gen bang, ik spoar ze al lang,
Ik loop al richtig scheif van de alde munte

Refrein
Alde munte, alde munte
Weej kriege niks te pruuve,
Mèt die alde munte.
Stoj moi vur poal, hier ien de zoal
Pèr ze drek nog weg, die alde munte

Weej goenge nor binne, vurbeej oan ut Pinnen.
Toen zoag ik ze doar stoan, _ ze stond op un dröge.
’T was goeie kost, ze hoaj borre’n doo.rst
Toen mie.k ik miene moe.f, mè mien alde munte

K’ belofde en ru.ndje, oan die me dat keu.ntje
hier hedde d’r vast 2, kunde gej ze vast hoale
Ze Kwoam kwoj verum, ze kreeg niks van hum
Ik heb ’t now verbruij.d, mè mien alde munte

Refrein

100 Jaar Vrijwillige brandweer in Groesbeek. Dat kunnen we niet ongemerkt voorbij laten gaan. Vandaar dat we dit jaar in Vuur en Vlam staan… Wej zien nie te blusse!! D’n vlam slet ien de pan!

Songtekst

Wej woar-re heel long bej mekoar
Joa, Gej en ik
Mar now mot ik al-lèèn dur goan
Mien vlam die get wer oan
Nog nie uut-ge-blust
Vur-al now me d’n car-na-val
Want ik stoij

Refrein
Ien vuur en vlam
Mien hort is nie te blusse
De vlam slet ien d’n pan
Masker op, aujum ien, aujum uut
Ik vuul mien bleij
Ien vuur en vlam
Mien hort is nie te blusse
De vlam slet ien d’n pan
Masker op, aujum ien, aujum uut
Ik vuul mien bleij

Ik goi now as d’n brand-wèr
ok as d’n pieper get
Gen man die mien now teg-ge helt
want dan rol ik mien slang uut
hej is bor-re-lang
dan is de nood wèr oan de man
Want ik stoij

Refrein

siege sage, siege sage
hej hej hej

Want ik lef now ut leve
Ien vuur en vlam
Mien hort is nie te blusse
De vlam slet ien d’n pan
Masker op, aujum ien, aujum uut
Ik vuul mien bleij
Ien vuur en vlam
Mien hort is nie te blusse
De vlam slet ien d’n pan
Masker op, aujum ien, aujum uut
Ik vuul mien bleij

Bej Typisch Gruusbek op tv,
Miste wej ut aachte Gruusbek,
Daorum doachte weej: Dn hugste tiet veur deel twee

Vret Mar Gras neemt je mee in een nieuwe uitzending waar wij het echte Groesbeek laten zien. Doe met ons mee: Ien Gruusbek, Ien Gruusbek…

Songtext

Waore ‘t wél Gruusbèkse mi.nse,
Beej Typisch Gruusbèk óp tv,

‘t Was toch é.cht um te gri.nze,
De högste tied vör deel twee

Umme

Ien Gruusbèk, ien Gruusbèk

Dör ’t wa.ld, de Wylerbaon,
Trei.je tègge de heuvels aon

Ien Gruusbèk, ien Gruusbèk

Praote weej óns èige taol
Luu.ster hier mar ien de zaol

Ien Gruusbèk, ien Gruusbèk

Viende wél en voetbalclub,
‘t Térrep lit wèr óp de schup

Ien Gruusbèk, ien Gruusbèk

Hier vierde de va.stenaovend
Midde ien ‘t Gruusbèks la.nd

Weej bouwe ok en groo.te té.nt,
En groo.te té.nt midde ien ’t té.rrep

Dan kriede kiepevél, `t is óngekè.nd
Mè deez’ da.g, staon wi.j doar óp sché.rrep

Weej bouwe ok en groo.te té.nt,
Waor hee.l Gruusbèk schla.gers zinge zal

Mè wa.ges en d’n Ummenie
Hier viere wi.j de carnaval

Zö’n uutzé.nding mikt mien knaotergék
Gèn woord ovver de carnaval

Wi.j wille ’t é.chte Gruusbèk
Waor ik van ha.lde zal

Umme

Ien Gruusbèk, ien Gruusbèk

Komde gi.j de Hei.kant óp
Kriede Derks óp oowe kop

Ien Gruusbèk, ien Gruusbèk

Luu.stere wi.j naor Wim d’n Bul
Pruu.ve doen wi.j beej d’n Drul

Ien Gruusbèk, ien Gruusbèk

Waor mót ik oow van kènne dan?
Waor ziede gi.j d’r enne van?

Ien Gruusbèk, ien Gruusbèk

Hier vierde de va.stenaovend
Midde ien ‘t Gruusbèks la.nd

Wi.j bouwe ok en groo.te té.nt,
En groo.te té.nt midde ien ’t té.rrep

Dan kriede kiepevél, ‘t is óngekè.nd
Mè deez’ da.g, staon wi.j doar óp sché.rrep

Wi.j bouwe ok en groo.te té.nt,
Waor hee.l Gruusbèk schla.gers zinge zal

Mè wages en d’n Ummenie
Hier viere wi.j de carnaval

Wi.j bouwe ok en groo.te tént,
En groo.te té.nt, midde ien ’t té.rrep

Dan kriede kiepevél, ‘t is óngeké.nd
Me deez’ da.g staon wi.j doar óp sché.rrep

Wi.j bouwe ok en groo.te té.nt,
Waor heel Gruusbèk schla.gers zinge zal

Mè wages en d’n Ummenie
Hier viere wi.j de carnaval

Onze 15e schlager heet “Vies Féest” en gaat over het feit dat ‘vies’ in het Groesbeeks iets totaal anders betekent dan in het Nederlands. Dit leidt nog wel eens tot verwarring  bij mensen van buiten Groesbeek.

En omdat carnaval het mooiste feest van het jaar is, zeggen we hier dan ook: Dì is nie zömar un féest, dì is un vies féest!​

Songtekst

Ik hoij wà mè un denje, ut was un aechte schat
Ik vond eur errug lief, ok al kwam zeej uut de stad
Ik goeng eur thuus vûrstelle, doar is ut mis gegoan
Toen óns moet tegge eur zei: “Geej hèt un vies kléed aon”
Zeej doocht is dì kléed smerrig, wà heb ik aon gedaon?

Refrein
Gèn geknies
Is wà vies
Dan bedoele weej nie smerrig
Ien Gruusbek is vies moij, dus da is hier aecht nie errug
Gèn geknies
Is wà vies
Dì is ut moijste féest van van al
Daorum dà ik zèg, wà un vies feest is carnaval

Un wèkske of wà loater, hek mien ien de stad geméld,
En zie ik zö as dà heurt, ok an eur âlders vûr gestéld
Ik zei tegge eur vod, “un vieze hut hedde geej”
Mar toen ik dá gezèt hoij, keek d’n kel nie mèr zö bleej
En d’n eggeste dag nog zat zien poets ien de W.W.

Gèn geknies
Is wà vies
Dan bedoele weej nie smerrig
Ien Gruusbek is vies moij, dus da is hier aecht nie errug
Gèn geknies
Is wà vies
Dì is ut moijste féest van van al
Daorum dà ik zèg, wà un vies feest is carnaval
Jalalala….

De doage wieren korter, de carnaval kwam d’r aon
En um te ientegrieren, is zeej mè mien mè gegoan
Pruuven, ruijen, hossen, d’r was eur niks te bond
Ik heb eur toen gevroagd wà zeej van din aovond vond
Zeej hoij ut noow begreepe, want dì kwam uut eure mond
Dì is nie zömar un féest, dì is un vies féest

Gèn geknies
Is wà vies
Dan bedoele weej nie smerrig
Ien Gruusbek is vies moij, dus da is hier aecht nie errug
Gèn geknies
Is wà vies
Dì is ut moijste féest van van al
Daorum dà ik zèg, wà un vies feest is carnaval

Jalalala….

Gèn geknies
Is wà vies
Dan bedoele weej nie smerrig
Ien Gruusbek is vies moij, dus da is hier aecht nie errug
Gèn geknies
Is wà vies
Dì is ut moijste féest van van al
Daorum dà ik zèg, wà un vies feest is carnaval